Radiatoren horen haast onafscheidelijk bij verwarmingssystemen voor de woning. Ongeacht de gekozen energievorm, zorgen ze bij de meeste kringloopsystemen voor de warmte-uitwisseling naar de woonvertrekken. Zichtbaar is niet zoveel verschil tussen een radiator en een convector. De inwendige constructie is echter wel behoorlijk verschillend.
Bij een radiator stroomt een grote hoeveelheid warm water vanuit de ketel door buizen of platen, die zelf zowel stralings- als convectiewarmte afgeven aan de omgeving. Een radiator voelt warm aan in de nabijheid, maar de temperatuur daalt vrij snel naarmate men er zich van verwijdert. De opwarming van een kamer vergt meer tijd, maar na het dichtdraaien van een radiator geniet men nog enige tijd van de restwarmte.
Bij een convector wordt het warme water slechts door een dun buisje geleid, waaraan een warmtewisselaar opgebouwd uit lamellen is vastgehecht. De stralingswarmte van een radiator wordt als aangenamer ervaren, maar blijft ook meer geconcentreerd rond het warmtelichaam hangen. Bij convectoren zal de warmte vlotter aan de lucht in de kamer worden doorgegeven en ontstaat een gelijkmatiger opwarming van het vertrek. Bovendien zijn ze in staat een kamer sneller op temperatuur te brengen.
Hoewel radiatoren principieel louter functioneel zijn, ontsnappen ze niet aan de actuele designtrend. Design is gemeengoed geworden voor een breed publiek. Design draait in eerste instantie rond de esthetiek van de producten, maar ergonomie, installatie en milieu beïnvloeden evenzeer het design voor elke fabrikant die zich daartoe ernstig heeft bekeerd.
Badkamerradiatoren nemen een heel aparte plaats in binnen het ruime assortiment verwarmingselementen. Ze zorgen voor een gezellig gevoel, verhinderen condensvorming en bieden extra comfort dankzij een functionele meerwaarde onder de vorm van de haast onmisbare handdoekdroger. Er zijn modellen beschikbaar voor werking op het centrale verwarmingssysteem van de woning, op elektriciteit of gecombineerd. Deze laatste eigenschap maakt het mogelijk ze in tussen- en zomerseizoen in te schakelen als elektrische bijverwarming, terwijl men de centrale verwarming uitgeschakeld heeft.