Centrale verwarming' betekent dat de warmte centraal wordt opgewekt (met een ketel) en vervolgens doorheen de woning wordt gedistribueerd via slangen en buizen, waarop radiatoren of andere verwarmingselementen zijn aangesloten, is de algemene standaard. Hoewel het aandeel van stookolie en gas lange tijd vrijwel gelijk bleef (statistieken NIS 2001: 43% / 44%), is de vraag naar gasverwarming de laatste jaren sterk toegenomen.
Condensatieketels
Condensatieketels genieten dankzij hun hoger rendement en bijgevolg lager verbruik al onze aandacht. Door het condenseren wordt extra warmte gerecupereerd.
Het hogere rendement bij een condensatieketel is het gevolg van een terugwinning van de verdampingswarmte, m.a.w. de warmte nodig voor het vormen van waterdamp tijdens het verbrandingsproces.
Dit leidt tot een vermindering van rookgasverliezen (warmte die via de schouw de woning verlaat) en maakt een rendement van 100 tot zelfs bijna 110% mogelijk.
Condensatieketels bestaan in wand- of vloermodellen, al dan niet gecombineerd met een boiler voor de warmwatervoorziening.
De technische evolutie maakt dat stookolie nog lang niet is afgeschreven. Er zijn praktische voordelen zoals het vervallen van de noodzaak om een traditionele schoorsteen te voorzien. De rookgassen kunnen evenzeer doorheen een buitenmuur afgevoerd worden. Verbrandingslucht kan zowel binnen de stookplaats als van buiten worden afgenomen. Het grote voordeel is dat men de investeringskosten en onderhoudskosten van een schoorsteen grotendeels kan vermijden.
Blauwe vlam brander
Om de uitstoot van schadelijke stoffen te reduceren, laat men bij stookolieketels de warme verbrandingsgassen recirculeren. Tijdens de werking van de brander zullen de warme verbrandingsgassen rondom de vlamkop naar achteren recirculeren waarbij de verwarmde lucht vermengd wordt met de verstoven brandstof. Samen met de vlamkop die op temperatuur is, geeft dit een bijna volledige vergassing van de verstoven brandstof, wat een blauw vlambeeld oplevert. De schadelijke stoffen die gereduceerd worden, zijn voornamelijk CO en roet. De uitstoot van zwaveldioxide kan onmogelijk beperkt worden omdat dit een brandstofgebonden factor blijft.
Low Nox brander
De Low Nox brander, ook wel ‘grijze vlam' genoemd, is een verbrandingstechniek die toegepast wordt om de uitstoot van stikstofoxides (NOx) te reduceren. Zoals bij de blauwe vlambrander wordt er een recirculatie toegepast, in dit geval ter hoogte van de vlamkop. De menging gebeurt hier nadat de verstoven brandstof al ontvlamd werd. De gedeeltelijke vergassing geeft een geel - blauw vlambeeld. De uitstoot van stikstofoxiden wordt danig verminderd en de CO-emissies blijven binnen aanvaardbare waarden.
Let bij het kiezen van een ketel op de kwaliteitslabels ‘OPTIMAZ' (stookolie) en ‘HR+' voor gastoestellen.
